Rode, groene of blauwe tint verhelpen op BRAVIA-LCD-tv's
Als het scherm van uw BRAVIA-tv een rode, groene of blauwe tint lijkt te hebben, volg dan de onderstaande stappen om het probleem te identificeren en op te lossen.
Stap 1: Bekijk het tv-menu
Druk op de knop HOME (Start) op uw afstandsbediening om het BRAVIA-tv-menu weer te geven.
Scenario 1: Het menuscherm heeft dezelfde kleurtint
- Uw tv heeft mogelijk een defect.
- Ga naar het volgende ondersteuningsartikel voor verdere ondersteuning: Problemen oplossen met het scherm en beeld van uw tv van Sony.
Scenario 2: Het menuscherm heeft niet dezelfde kleurtint
-
Dit is een teken dat uw tv naar behoren werkt. Het probleem kan waarschijnlijk worden opgelost door de beeldinstellingen aan uw voorkeuren aan te passen.
Stap 2: Beeldinstellingen aanpassen
U kunt de beeldinstellingen aanpassen om de gewenste kleurtint te bereiken. Volg de onderstaande stappen:
Beeldinstellingen openen
- Druk op uw afstandsbediening op de knop HOME (Start).
- Ga naar Settings (Instellingen) en gebruik de pijltoetsen omhoog en omlaag om Picture & Display (Beeld en weergave) te selecteren en druk vervolgens op Enter.
- Selecteer Picture Adjustments (Beeldaanpassingen) en druk vervolgens op Enter.
- Kies het item dat u wilt aanpassen en druk op Enter om wijzigingen aan te brengen.
Opties voor beeldaanpassing
- Reset (Resetten): Hiermee worden alle instellingen voor beeldaanpassingen teruggezet naar de fabrieksinstellingen (uitgezonderd Setting Memory (instelgeheugen), Picture Mode (beeldmodus) en Advanced Settings (geavanceerde instellingen).
- Backlight (Achtergrondverlichting): Hiermee past u de helderheid van het scherm aan. Een lagere helderheid leidt tot een lager stroomverbruik.
- Picture (Beeld): Hiermee past u het beeldcontrast aan.
- Brightness (Helderheid): Hiermee past u de algehele helderheid van het beeld aan.
- Colour (Kleur): Hiermee past u de kleurintensiteit aan.
- Hue (Kleurtint): Hiermee worden groene en rode tinten in balans gebracht. (Deze optie kan variëren, afhankelijk van het kleurensysteem.)
- Colour Temperature (Kleurtemperatuur): Hiermee past u de witbalans van het beeld aan. Tot de opties behoren:
- Cool (Koel): Hiermee voegt u aan witte tinten een blauwachtige tint toe.
- Neutral (Neutraal): Zorgt voor een gebalanceerde, neutrale tint.
- Warm 1/Warm 2: Voegt een roodachtige tint toe, waarbij Warm 2 intenser is.
Voor gedetailleerde aanpassingen gebruikt u de optie White Balance (Witbalans) in Advanced Settings (geavanceerde instellingen). De beeldinstellingen moeten voor elke ingangsbron worden aangepast. Dezelfde instellingen toepassen op meerdere ingangen:
- Stel de Target-inputs (Doelingangen) in op Common (Algemeen).
- Beeldinstellingen aanpassen.
- Zorg ervoor dat de Target inputs (doelingangen) van andere ingangsbronnen ook op Common (Algemeen) zijn ingesteld.