Artikel-ID : 00168212 / Laatst gewijzigd : 01-04-2019

Probleem oplossen van weinig geluid of geen audio uit de Surround Sound-achterluidsprekers.

    BELANGRIJK: Als u modelspecifieke informatie nodig hebt om een van deze stappen te voltooien, raadpleeg dan de handleiding van het product.

    OPMERKING: Omdat elke stap mogelijk kan leiden tot een oplossing voor het probleem, controleert u na elke stap de Surround Sound van de achterluidsprekers.

    1. Controleer of de Surround Sound-achterluidsprekers correct zijn aangesloten op de A/V-ontvanger (Audio/Video).

      BELANGRIJK: Controleer, als dit van toepassing is op uw model, of de A/B-luidsprekerkiezer op de juiste positie is ingesteld. Als de luidsprekers zijn aangesloten op de A-luidsprekeraansluiting achter op de A/V-ontvanger, moet de A/B-luidsprekerkiezer op positie A staan.

    2. Laat een testtoon produceren om te controleren of de luidsprekers correct werken.
    3. Zet het volume van de achterluidspreker of de instellingen voor de Surround-achterluidsprekers op het maximum.
    4. Probeer in het menu een ander formaat (klein of groot) voor de Surround-achterluidsprekers.
    5. Controleer of de A/V-ontvanger op een Surround Sound-modus is ingesteld.
      BELANGRIJK:
      • Voor Dolby ProLogic Surround Sound, moet de middenkanaalmodus worden ingesteld op NORMAL (NORMAAL) of WIDE (UITGEBREID).
      • Als uw bron een dvd- of Blu-ray Disc-speler is, controleert u of de Surround Sound is ingeschakeld in het menu van de speler zelf.
      • De ontvangen audio moet meerkanaals zijn.
    6. Probeer de A/V-ontvanger op een andere Surround Sound-modus in te stellen.
    7. Controleer of de bron die u afspeelt is gecodeerd in Surround Sound.

      OPMERKING: Surround Sound is niet altijd aanwezig. Als er voornamelijk dialogen zijn, komt het meeste geluid misschien alleen uit de middenluidspreker en komt er audio uit de achterluidsprekers als er achtergrond- of omgevingsgeluid is.

    8. Herstel de fabrieksinstellingen van het apparaat.

      OPMERKING: Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van uw apparaat voor de specifieke stappen om de fabrieksinstellingen te herstellen.

    9. Nadat u de instellingen hebt hersteld, voert u de stappen in De gewenste instellingen automatisch kalibreren uit, als dit van toepassing is op uw model.

      BELANGRIJK: Na het aansluiten van het kalibratiemicrofoonapparaat, zet u de microfoon op een vlakke ondergrond en gaat u weg van het apparaat, zodat er geen obstakels zijn tussen de luidsprekers en de microfoon terwijl de kalibratie plaatsvindt.

    10. Vervang de luidsprekerkabels.
    11. Probeer een ander stel luidsprekers.

    Als het probleem nog steeds niet is opgelost, kan reparatie nodig zijn.