Observeren en instellen
Bij het fotograferen van vogels zijn kennis van hun vluchtpatronen en gedrag, en het strategisch plaatsen van je camera essentieel. Neem de tijd om de bewegingen van de vogels in je tuin te observeren en kijk op welke plekken ze landen om de beste fotolocaties te bepalen. Je zou een vogelhuisje kunnen neerzetten of ophangen om vogels te lokken.
Denk ook aan de achtergrond bij het kiezen van een goede locatie. Met een groot diafragma bij een setting met lentegroene bladeren kun je een prachtig bokeh-effect creëren voor spectaculaire foto's. Gebruik natuurlijke landingsplekken zoals afgevallen takken of een vogelbadje voor dynamische opnamen met een perfecte achtergrond. Natuurlijk is het licht het allerbelangrijkst. Maak daarom opnamen in de vroege ochtend of de late middag.
Cameraopties
Hoewel je met elke Sony-camera tuinvogels kunt vastleggen, bieden bepaalde modellen specifieke voordelen. De meeste camera's zijn uitgerust met eye-autofocus voor vogels, een functie om eenvoudig scherp te stellen op de ogen. Nieuwere Alpha-camera's met AI-autofocus, zoals de Alpha 7R V en de Alpha 6700, bieden geavanceerde functies voor onderwerpherkenning waarmee vogels optimaal kunnen worden gevolgd.
Wanneer de optie voor vogelherkenning wordt gecombineerd met de sensor van 61 megapixels van de Alpha 7R V, kun je ongekend gedetailleerde foto's maken met meer dan genoeg resolutie om bij te snijden. De Sony Alpha 1 II combineert AI-onderwerpherkenning met een sensor van 50,1 megapixels en een opnamesnelheid van 30 fps. De Alpha 9 III biedt AI-herkenning met een sensor van 24 megapixels en een opnamesnelheid van maar liefst 120 fps.
© Olle Nilsson | Sony α1 II + FE 300mm f/2.8 GM OSS + 1.4x Teleconverter | 1/3200s @ f/4.0, ISO 3200
Lenzen
Voor het fotograferen van tuinvogels is een telelens een vereiste. De ideale brandpuntsafstand is afhankelijk van de grootte van de vogel, de afmetingen van je tuin en de resolutie van je camera. Met een camera met hogere resolutie kun je afbeeldingen beter bijsnijden, waardoor de vogel groter overkomt.
Gebruikers van full-frame kunnen de APS-C crop-modus gebruiken (Menu > Opname > Beeldkwal./opn. > APS-C S35 Opname > Aan) om vogels groter in beeld te krijgen zonder het gebruik van een supertelelens. Het bereik van je lens wordt 1,5x vergroot en dat bespaart tijd bij het bewerken.
Sony heeft uitstekende telezoomlenzen voor het fotograferen van vogels. De FE 400-800mm f/6.3-8 G OSS biedt een groot bereik tegen een goede prijs. De bekende FE 200-600mm f/5.6-6.3 G OSS is geschikt voor gebruik in de meeste tuinen en de FE 100-400mm f/4.5-5.6 G Master OSS levert ongekende beeldkwaliteit en is compatibel met teleconverters.
Voor beginnende fotografen die op zoek zijn naar veelzijdigheid is de FE 70-300mm f/4.5-5.6 G OSS een solide keuze. Gebruikers van een APS-C-camera, zoals de Alpha 6700, kunnen elke full-frame lens met een crop van 1,5x gebruiken of de E 70-350mm f/4.5-6.3 G OSS overwegen voor het 105-525mm equivalent op een full-frame camera.
Camera-instellingen – autofocus
Stel de focusmodus in op 'Continue AF' (AF-C) en het focusgebied op 'Volgen: uitgebreid punt'. Met deze optie kun je snelle of onregelmatige bewegingen van vogels probleemloos volgen en scherp vastleggen. Stel vervolgens 'Vogel' in als onderwerpherkenning: ga naar Menu > Focus > Gezicht/ogenAF > Gez./og.o.w.herk. en selecteer Vogel. Als je een camera met Sony AI-chip gebruikt, ga je naar Menu > Focus > Onderw.herkenn. > Herkenningsdoel > Vogel.
Stel de gevoeligheid van de onderwerpherkenning (Herkenn.gevoeligh.) in op 3 om zittende of grotere vogels te fotograferen en op 5 om kleinere of vliegende vogels vast te leggen.
Belichting
Het fotograferen van vogels vereist optimale concentratie. Laat de camera daarom de technische aspecten regelen. Gebruik een volledig open diafragma en stel de ISO in op AUTO met minimale sluitertijd (Menu > Belichting > ISO AUTO min. sl.td.). De minimale sluitertijd hangt af van wat je wilt fotograferen: zittende vogels of vogels in vlucht. In het eerste geval is een snelheid van 1/500e seconde mogelijk voldoende met ingeschakelde SteadyShot, maar in het tweede geval is een snelheid van minimaal 1/2000e of 1/4000e seconde nodig.
Gebruik de Multi-metingsmodus en pas de belichtingscompensatie naar wens aan. Met deze instellingen kun je de snelheid Hi+ voor continu fotograferen gebruiken terwijl de camera de scherpstelling en belichting automatisch regelt.
Geheugen oproepen
Een van de nuttigste functies van Sony Alpha-camera's is de mogelijkheid om camera-instellingen op te slaan en snel op te roepen. Na het configureren van de gewenste instellingen voor autofocus, belichting en kleur om vogels te fotograferen kun je deze opslaan via de optie 'Cam.-inst.geheug' in het menu 'Opname' door een geheugenkaart te selecteren. Je kunt daarna met de functiekeuzeknop snel wisselen tussen verschillende opgeslagen instellingen. Als je bijvoorbeeld zittende vogels aan het fotograferen bent, kun je snel schakelen naar de opgeslagen instellingen voor het vastleggen van vogels in vlucht.
Samenvatting